Testimonials

Waarom hebben jullie gekozen voor het Montessori-onderwijs?
Wij hadden geen van beiden ervaring met het Montessori-onderwijs en hebben allebei op reguliere scholen gezeten. Als je op de websites van verschillende scholen kijkt, lijkt het of elke school tegenwoordig kindgericht werkt. Wij vonden het best moeilijk om de vinger op de verschillen te leggen.
Daarom zijn we eerst eens op een open dag gaan kijken, en hebben daarna ook nog eens individueel een afspraak gemaakt voor een bezoek.

Het viel ons meteen op dat het in de klassen zo rustig was, terwijl iedereen druk bezig was met verschillende activiteiten.


Het ene kind was aan het rekenen, een ander las een boek, een ander kind was bezig met schrijven, allemaal in dezelfde klas. Iedereen was geconcentreerd bezig met iets anders! In de ander deel van de school liepen kinderen naar de schoolbibliotheek, pakten een boek en begonnen zelfstandig te lezen, of zochten ze zelfstandig op een computer naar informatie voor een werkstuk.

Op school waren wij gewend dat de leerkracht klassikaal werkte. Vaak lette de helft van de klas niet op, misschien omdat het te moeilijk, te makkelijk of te saai was. Dan krijg je dat kinderen gaan zitten kletsen of klieren en wordt het de kinderen TEGEN de leerkracht. In het Montessori-onderwijs staat de leerkracht NAAST de kinderen, in plaats van daarboven.


Er is meer aandacht voor persoonlijke begeleiding, maar ook voor de zelfstandigheid van het kind, en dat zie je meteen als je de school binnenkomt.


Waarin verschilt volgens jullie het Montessori-onderwijs van het onderwijs op andere scholen?


Bij Montessori is het uitgangspunt dat elk kind een eigen tempo heeft en dat je als leerkracht daarop moet inspelen. Het idee is dat elk kind cruciale momenten heeft waarop het bepaalde onderwerpen sneller en gemakkelijker opneemt.                                                                                                                                 Dat je kind sneller of langzamer is dan de rest wordt niet meteen als een probleem gezien, het is gewoon een realiteit dat elk kind anders is.

Een kind dat sneller leert krijgt aanvullend lesmateriaal, en omdat de kinderen in schakelklassen bij elkaar zitten, is er veel meer ruimte om door te groeien. Onze zoon zit bijvoorbeeld in groep 2, maar doet ook lees- en rekenwerkjes van groep 3 en 4. Maar als je kind wat meer moeite heeft met de lesstof, dan schieten de leerkrachten ook niet meteen in de stress. Misschien is het kind er nog niet helemaal klaar voor en lukt het over een paar maanden later wel. Daardoor hebben kinderen niet constant het idee onder of boven hun macht te moeten werken en dat zorgt volgens ons voor meer rust en uiteindelijk betere resultaten.                                                


Een ander verschil is dat er veel aandacht geschonken wordt aan planning. De kinderen moeten zelf hun eigen weekplanning maken. In het begin is dat best wel moeilijk, maar daar krijgen ze dan hulp bij. Zo kan ieder kind experimenteren of ze het liefst eerst de “moeilijke” of “niet leuke” opdrachten doen, of het liefst eerst de “leuke” werkjes en de “saaie” opdrachten als laatste. Het is dus niet zo dat een kind continu zelf mag bepalen wat hij of zij doet, maar wel WANNEER hij of zij dat doet. Ook ruzies in de klas moeten de kinderen zelf oplossen, uiteraard wel met hulp van de leerkracht. De Montessorischool in Rhenen werkt met het programma van “Vreedzame school”, een programma dat als “goed onderbouwd” wordt beoordeeld door de databank effectieve jeugdinterventie.

We merken dat onze zoon al snel rekening heeft leren houden met anderen, niet omdat hij straf krijgt (van ons of van de leerkracht) als hij dat niet doet, maar omdat hij de signalen van andere kinderen snel oppikt. Een laatste verschil is dat de leerlingen zelf ook een belangrijke taak hebben in het onderwijs. Oudere leerlingen moeten de jongere leerlingen in hun groep wegwijs maken, bijvoorbeeld door te tonen waar alles staat of hoe je je tafel kunt opruimen. In de verschillende schakelklassen (onderbouw/middenbouw/bovenbouw) begint ieder kind als jongste en als ze uiteindelijk “overgaan”
naar de volgende “bouw” zijn ze de oudste en hebben ze veel meer verantwoordelijkheden ten opzichte van de “kleintjes”. Kinderen worden gestimuleerd om hulp te vragen bij oudere kinderen, of kinderen die al klaar zijn met hun opdrachten. Zo vraagt onze zoon wel eens hulp bij het rekenen aan kinderen die vier of vijf jaar ouder zijn, en helpt hij zelf ook andere kinderen die de rekenwerkjes lastig vinden. Het is prachtig om te zien hoe hij soepel schakelt tussen die verschillende rollen.

Uiteindelijk komt het erop neer wat je wilt dat je kind leert op school. Wil je dat hij of zij netjes alle tafels kan opdreunen, of dat hij of zij alle talenten kan ontwikkelen? Wij hebben gekozen voor het laatste…

Is er dan echt niets aan te merken?
Ja natuurlijk, het kan altijd nog beter. Zo vinden wij de verkeerssituatie rond de school niet ideaal, maar daar wordt hard aan gewerkt. Ook het schoolplein mag wel een opknapbeurt gebruiken, maar helaas is daar op korte termijn nog geen budget voor. Maar eerlijk gezegd zijn dit voor ons bijzaken, het belangrijkste is dat onze zoon naar een school gaat waar hij het uitstekend naar zijn zin heeft